Toen mijn jongste zoon afgelopen week een kipnugget naar mijn hoofd gooide, moest ik hem met ingehouden woede naar zijn kamer sturen. Het was een vermoeiende dag geweest voor hem, hij had wat onder de leden en hij was absoluut niet van plan om enige bijdrage te leveren aan de avondmaaltijd. Tegelijkertijd is het, ook wanneer je niet lekker in je vel zit, niet de bedoeling om delen van de maaltijd door de lucht te slingeren.

Het zijn voor mij niet de beste momenten als ouder in een gezin met drie kinderen. Je hebt de verantwoordelijkheid om je kinderen op te voeden, maar er zijn momenten die je het liefst aan je voorbij laat gaan. Hier ontstaat dus een soort spanning: je wilt bepaalde taken die bij de functie horen aan je voorbij laten gaan, maar je hebt tegelijkertijd de verplichting om deze juist wél uit te voeren.

Dit geldt ook voor allerlei taken van mensen die in het ziekenhuis werken. Bepaalde onderdelen van het werk spreken je minder aan of misschien zie je er zelfs tegenop. En toch: ook die klussen horen erbij. Soms zijn ze zelfs van essentieel belang. Je ziet er misschien tegenop om iemand te moeten prikken, omdat diegene er bang voor is. Je wilt iemand een operatie besparen die hij of zij toch nodig heeft, of je moet iemand tijdelijk fixeren omdat hij of zij ernstig verward is. Dit kan een spanningsveld opleveren waar je als medewerker last van hebt.

Over precies dit spanningsveld is de Bhagavad Gita geschreven, het belangrijkste geschrift uit het hindoeïsme. Kortweg gaat het verhaal over prins Arjuna, die onderweg is naar een oorlog om daar strijd te leveren met zijn familieleden. Daar kijkt hij niet naar uit. Zijn wagen wordt voortgedreven door een wagenmenner, die eigenlijk één van de Hindoestaanse goden is, namelijk Krishna. Krishna is de god van de liefde, wijsheid en bescherming. Het boek gaat over het gesprek tussen Arjuna en Krishna: over het vervullen van je heilige plicht, ook al gaat die in tegen allerlei persoonlijke bezwaren of moeilijkheden die je ervaart.

Zo wordt de term innerlijke verzaking geïntroduceerd. Het gaat over het doen van je heilige plicht: de verantwoordelijkheden die Arjuna heeft als prins, opperbevelhebber en beschermer van zijn volk. Met innerlijke verzaking wordt er gevoelsmatig afstand genomen van datgene wat je doet. Het hoort immers bij je verantwoordelijkheden, en die zijn soms belangrijker dan of je er tegenop ziet of dat het om een moeilijke opdracht gaat. Het volgen van dit pad is voor veel hindoes een weg naar verlichting.

Zodoende brengt het pad van de innerlijke verzaking mij weer terug bij al die moeilijke beslissingen die ook in het ziekenhuis soms aanvoelen als een strijd. Voor verpleegkundigen, familieleden en behandelend artsen. Het niet weglopen voor die verantwoordelijkheden, maar ze aangaan, maakt dat er vaak een nieuw perspectief ontstaat, waarbij de patiënt weer verder kan met zijn leven.

Dat gezegd hebbende, en hoewel ik mijn plicht als vader vervulde, ben ik later wel naar de slaapkamer van mijn jongste zoon gegaan om het goed te maken. Daar trof ik hem al slapend aan op zijn bed. Hij had absoluut geen last gehad van mijn berisping.

Hartelijke groet namens de Geestelijke Verzorging,
Ben Rumping

Meer ervaringsverhalen

‘Wisselspeler’

Maatschappelijke ontwikkelingen, feestdagen en bepaalde trends worden op een geheel eigen manier mee naar binnen genomen in het ziekenhuis. Een aantal dagen geleden nog staarden een paar...

Lees meer

‘Je werd gezien’

Ze heeft niemand. Geen familie, geen vrienden. Niemand. We zijn er als palliatief team bij gevraagd om advies te geven over hoe we haar zo comfortabel mogelijk kunnen krijgen, zodat ze zonder pijn...

Lees meer

‘Het zit in de familie’

‘Ik ben zo blij met mijn kinderen, maar helaas heb ik met één kind geen contact meer’. Deze week had ik een gesprek met twee verschillende patiënten die het einde van hun leven voelden naderen. Ik...

Lees meer