Weblog mei 2018


Groetjes van Maria

In de stilteruimte van het RKZ worden veel kaarsjes gebrand. Dagelijks komen er patiënten, naasten en medewerkers om een kaarsje op te steken voor iemand of voor een bijzondere gelegenheid. Ik ken een vrouw die ooit heel lang in ons ziekenhuis lag. Sinds ze weer goed is opgeknapt, slaat ze nooit een bezoek aan de stilteruimte over als ze voor controle komt. Ze brandt dan een kaarsje voor de patiënten die nu opgenomen zijn: het is haar manier om mee te leven en de patiënten net zo’n goed herstel toe te wensen als zij zelf uiteindelijk heeft gehad.

 

Een kaarsje voor iemand branden is een universeel gebaar. Natuurlijk maakt het een belangrijk deel uit van de Rooms-Katholieke traditie, maar wij zien ook dat het een ritueel is dat boven religies uitgaat. Mensen geven aan dat ze door het opsteken van een kaarsje even heel bewust de tijd nemen om aan iemand te denken en diegene licht, al het goede en kracht toe te wensen. Dat daar veel behoefte aan is blijkt wel uit het grote aantal kaarsjes dat in onze stilteruimte wordt gebrand.

 

Aan patiënten die bedlegerig zijn vragen wij soms, als het bij die persoon past, of ze het op prijs stellen als wij een kaarsje voor hen branden. Dat wordt eigenlijk altijd enorm gewaardeerd. Mensen met een Rooms-Katholieke achtergrond willen dan vaak geld geven, zo zijn ze dat gewend. Maar dat hoeft in het ziekenhuis niet: dat is ‘service van de zaak’!

 

Onlangs sprak ik met een vrouw die een spannend onderzoek moest ondergaan. Ook zij vond het fijn dat er voor haar een kaarsje werd gebrand. Haar naam was Maria en ze wist dat in onze stilteruimte de kaarsjes in de buurt staan van een icoonschildering van moeder Maria. Dat idee gaf haar kracht en steun: ‘Doe Maria maar de groetjes van Maria’.

Paginaopties: