Diagnose

Anamnese

Belangrijke aanwijzingen in de anamnese zijn brand in een afgesloten ruimte, de duur van de expositie en de rookontwikkeling. Het betreft vaak een patiënt die als gevolg van verminderd bewustzijn niet de rokerige ruimte verlaat.

 

Een steekvlamverbranding bijvoorbeeld veroorzaakt niet een inhalatieletsel, maar geeft klinisch wel uiterlijke kenmerken van inhalatieletsel.

Kliniek

Belangrijke klinische criteria zijn aangezichtsverbrandingen, verbrande neusharen en een ooglestel. Bij inspectie van de mondkeelholte een rode en gezwollen uvula en pharynxbogen. De patiënt heeft stemverandering, hoest, of produceert sputum met roet. Bij auscultatie let men op inspiratoire stridor, wheezing en rhonchi.

Aanvullend onderzoek

Bronchoscopie bevestigt de diagnose en bepaalt de ernst van de beschadiging.

Een thoraxfoto en een arteriële pO2-meting discrimineren niet voor het voorkomen van een inhalatietrauma.

 

Een verhoogde carboxy-haemoglobinespiegel wijst eveneens op inhalatie.