Angst en verwardheid
In tegenstelling tot de meeste andere ongelukken, is de patiënt vaak goed bij bewustzijn tijdens en na het ongeluk. Daardoor kan hij of zij zich het ongeluk meestal goed herinneren.
Herbeleving van het ongeluk komt regelmatig voor. Daarover dromen is dan ook niet vreemd in het hele verwerkingsproces. De verpleegkundigen staan, samen met het begeleidingsteam, patiënten hierin bij. De psychologen bieden individuele begeleiding aan patiënten, ouders en kinderen.
Afhankelijkheid
Soms is een patiënt in het begin zó verward, dat hij of zij tijdelijk zelfs de meest bekende personen niet herkent. Later zal de patiënt zich van deze periode weinig herinneren. Wanneer het lichaam weer goed in evenwicht komt, realiseert de patiënt zich pas goed wat er is gebeurd.
De lichamelijke handicaps, die brandwonden met zich meebrengen, maken het de patiënt meestal ook geestelijk niet gemakkelijk. Afhankelijk van de plaats van de verbrandingen is hij meer of minder afhankelijk van zijn omgeving, hetgeen niet eenvoudig te accepteren is. Een patiënt met verbrande handen is bijvoorbeeld van een ander afhankelijk om te kunnen eten.
Een patiënt zal zich onder zijn verband misschien 'veilig' voelen, maar blijft toch zitten met de vraag hoe hij of zij er straks uit zal zien. Dit vraagt van iedereen in de omgeving veel tijd, begrip en ondersteuning.
Vragen als 'Wat zullen de kinderen ervan vinden?' of 'wat betekent het voor mijn werk?' kunnen naaste familieleden het beste beantwoorden. Het behandelteam biedt ondersteuning.

